Image
Studenten aan het werk in de bibliotheek.

Schooluitval

Samenvatting

Kinderen

  • Vier op de tien kinderen uit gezinnen met een lage welvaart maken zich vaak zorgen om hun schooladvies
  • Kinderen met een migratieachtergrond maken zich vaker zorgen om hun schooladvies
  • Acht op de tien Utrechtse kinderen zijn positief over hun eigen schoolprestaties
  • Gezondheidsproblemen hangen samen met zorgen over schoolprestaties

Jongeren

  • 94% van de Utrechtse jongeren heeft een startkwalificatie of schoolinschrijving
  • Bijna 2% van de Utrechtse jongeren verlaat school zonder startkwalificatie
  • Voortijdig schoolverlaten komt vaker voor op het mbo
  • Ruim 3.000 meldingen van schoolverzuim in het onderwijs
  • 16% van de jongeren heeft gespijbeld in de afgelopen vier weken

Jongvolwassenen

  • Mbo-studenten ervaren in coronatijd vaker druk door schoolwerk
  • Een derde van de jongvolwassenen heeft in coronatijd studievertraging
  • 6% van de mbo-studenten spijbelt vaak
  • Driekwart van de mbo-studenten verwacht dat zij hun opleiding afmaken
Wat houdt het in?

Onderwijs en goede vaardigheden maken gezonder

Onderwijs en goed ontwikkelde vaardigheden hebben een positief effect op de gezondheid. Een goede, afgeronde opleiding is echter niet altijd vanzelfsprekend. Er zijn jongeren die van school gaan zonder een diploma op minimaal mbo niveau 2 of havo-/vwo-niveau.

Uitleg van termen rond schooluitval

Leerlingen tot 16 jaar vallen onder de Leerplichtwet. Zij hebben de plicht om naar school te gaan. Komen ze niet, dan geldt dat als schoolverzuim. Voor jongeren tussen 16 en 18 jaar geldt de Kwalificatieplicht. Halen jongeren voor hun 23e geen diploma op minimaal mbo niveau 2 of havo-/vwo-niveau én verlaten ze het onderwijs, dan vallen ze onder de voortijdig schoolverlaters. Wanneer er geen duidelijke reden is voor het voortijdig schoolverlaten, spreekt men van schooluitval.

Cijfers over kinderen

Vier op de tien kinderen uit gezinnen met een lage welvaart maken zich vaak zorgen om hun schooladvies

38% van de Utrechtse kinderen uit een gezin met een lage welvaart maakt zich (heel) vaak zorgen om hun schooladvies. Bij kinderen uit een gezin met een hoge welvaart is dit 19%. Gemiddeld in Utrecht maakt 22% van de kinderen uit groep zeven en acht van het basisonderwijs zich vaak zorgen om hun schooladvies. 

Kinderen met een migratieachtergrond maken zich vaker zorgen om hun schooladvies

Utrechtse kinderen met een migratieachtergrond geven vaker aan dat zij zich vaak zorgen maken over hun schooladvies, of zij nu in een gezin met een lage welvaart of in een gezin met een gemiddelde of hoge welvaart opgroeien. Meer informatie over prestatiedruk is te vinden bij het thema mentale gezondheid.

Image
35% van de kinderen met een Marokkaanse migratieachtergrond maakt zich vaak zorgen om hun schooladvies.

Acht op de tien Utrechtse kinderen zijn positief over hun eigen schoolprestaties

82% van de 10- t/m 12-jarigen in Utrecht vindt dat ze het (heel) goed doen op school. Kinderen uit een gezin met een lage welvaart zijn minder vaak positief over hun schoolprestaties; 70% vindt dat ze het goed doen op school. Ook kinderen die niet bij beide eigen ouders wonen zijn minder vaak positief. 72% van de kinderen die opgroeien in een eenoudergezin en 76% van de kinderen in een gezin met co-ouderschap vindt dat ze het goed doen op school.

Image
70% van de kinderen met een lage gezinswelvaart vindt dat zij het goed doen op school. Dit is 83% bij kinderen met een gemiddelde of hoge gezinswelvaart.

Gezondheidsproblemen hangen samen met zorgen over schoolprestaties

Kinderen met gezondheidsproblemen, zoals lichamelijke klachten of stress, vinden minder vaak dat ze het goed doen op school en maken zich vaker zorgen om hun schooladvies. Bijvoorbeeld 53% van de kinderen die geen goede gezondheid ervaren vindt dat het goed gaat op school. Gemiddeld is dit 82% van de kinderen in Utrecht.

Infogram URL

 

Leervertraging tijdens de coronacrisis

Uit Utrechts onderzoek blijkt dat basisschoolleerlingen in groep 5, 6 en 7 tijdens de eerste schoolsluiting gemiddeld twee à drie maanden leervertraging hebben opgelopen. Leervertraging kwam vooral voor op scholen met veel leerlingen met een risico op onderwijsachterstand. Dit betekent dat juist kinderen uit gezinnen in een kwetsbare positie het hardst zijn geraakt door de scholensluitingen. Ook jongere kinderen hebben meer leervertraging opgelopen. Landelijk onderzoek laat eenzelfde beeld zien . Het Sociaal en Cultureel Planbureau stelt al vroeg in de coronacrisis dat schoolsluiting voor een toename van kansenongelijkheid in het onderwijs kan zorgen. Onder andere de Onderwijsinspectie verlegt de focus gedurende 2021 van leervertraging naar zorgen over motivatie, welbevinden en sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen en studenten. Ook de gevolgen van de coronacrisis op motivatie, welbevinden en sociaal-emotionele ontwikkeling zijn ongelijk verdeeld. Oudere leerlingen en studenten ervaren de meeste negatieve consequenties. Tegelijk wordt aangegeven dat de effecten hiervan op de lange termijn moeilijk te voorspellen zijn. Door het Nederlands Jeugdinstituut en het Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek wordt een actueel overzicht van corona-gerelateerd onderwijsonderzoek bijgehouden.

 
Ouders van het bewonerspanel hadden positieve en negatieve ervaringen met thuisonderwijs
In juni 2020 gaven ouders van het Utrechts bewonerspanel ongeveer evenveel voorbeelden van positieve als van negatieve ervaringen met het thuisonderwijs tijdens de eerste lockdown. Een groot deel van de panelleden gaf als antwoord op open vragen dat het begeleiden van het thuisonderwijs veel tijd kostte. Dit maakte het combineren van werk en privé lastig. Bij sommige panelleden leidde dit tot spanningen in het gezin. Ook waren er soms spanningen doordat kinderen hun ouders niet als leraar accepteerden. Ouders hadden ook positieve ervaringen met het thuisonderwijs. Een deel van de panelleden zei dat zij door het thuisonderwijs beter zagen hoe het onderwijs werkt en wat de ontwikkeling van hun kind was. Sommige panelleden zeiden dat hun kind zelfstandiger is geworden door het thuisonderwijs en ongestoord kon werken.
 

Jeugdmonitor Utrecht in coronatijd

De Jeugdmonitor is in Utrecht uitgevoerd van oktober tot en met begin december 2021 onder kinderen van groep zeven en acht van het basisonderwijs. Het aantal besmettingen en ziekenhuisopnames in Nederland steeg sterk in de loop van oktober. Op het moment van dataverzameling golden daardoor verschillende coronamaatregelen, die in november en december steeds verder werden aangescherpt. Nederland stevende weer af op een lockdown. Dit alles heeft de resultaten van de Jeugdmonitor beïnvloed. Op de coronapagina staat een overzicht van de maatregelen die tijdens dit onderzoek golden.

Cijfers over jongeren

94% van de Utrechtse jongeren heeft een startkwalificatie of schoolinschrijving

In 2021 heeft 94% van de jongeren tot 23 jaar in Utrecht een startkwalificatie of zit nog op school om deze te behalen. Dit cijfer is al jaren stabiel. In de wijken Noordoost en Oost hebben bijna alle jongeren een startkwalificatie. In Overvecht geldt dit voor 88% van de jongeren.

Infogram URL

 

Bijna 2% van de Utrechtse jongeren verlaat school zonder startkwalificatie

1,9% van de jongeren tot 23 jaar in Utrecht gaat van school zonder diploma op minimaal havo- of vwo-niveau of mbo-niveau 2. In het schooljaar 2020-2021 waren dit 446 jongeren. De afgelopen twee schooljaren lag het percentage voortijdig schoolverlaters lager dan in de schooljaren voor 2019. Het percentage voortijdig schoolverlaters is in Utrecht gelijk aan landelijk en lager dan in andere grote steden. 

Infogram URL

 

Voortijdig schoolverlaten komt vaker voor op het mbo

De meeste jongeren die uitvallen deden mbo-niveau 2 en 4. Een kwart van alle voortijdig schoolverlaters deed in 2020-2021 mbo-niveau 2 en een derde mbo-niveau 4. Een op de vijf jongeren viel uit op het voortgezet onderwijs. Jongens verlaten school vaker zonder startkwalificatie dan meisjes. 

Ruim 3.000 meldingen van schoolverzuim in het onderwijs

In het schooljaar 2020-2021 zijn bij leerplicht 3.085 meldingen gedaan van ongeoorloofd schoolverzuim over 1.522 unieke kinderen en jongeren. Over het algemeen gaat het hier om meldingen van minstens 16 uur ongeoorloofd afwezig zijn in vier weken. De meeste meldingen vonden plaats op het voortgezet onderwijs en het mbo. Daarnaast stonden 95 leerplichtige jongeren in schooljaar 2020-2021 niet ingeschreven bij een onderwijsinstelling. Ongeoorloofd schoolverzuim is een risicofactor voor voortijdig schoolverlaten. 

Totaal aantal meldingen van ongeoorloofd schoolverzuim, 2020-2021:

Image
Op het mbo zijn 1466 meldingen van ongeoorloofd verzuim gedaan, op het voortgezet onderwijs waren dit er 1269.

16% van de jongeren heeft gespijbeld in de afgelopen vier weken

Een op de zes jongeren uit klas twee en vier zegt in 2019 dat zij in de afgelopen maand hebben gespijbeld. Dit is hoger bij jongens en jongeren in klas vier. Ook vmbo-leerlingen en jongeren uit een eenoudergezin geven vaker aan dat zij gespijbeld hebben. 7% van de Utrechtse jongeren geeft aan dat zij drie of meer lesuren gespijbeld hebben in de afgelopen vier weken.

Cijfers over jongvolwassenen

Mbo-studenten ervaren in coronatijd vaker druk door schoolwerk

In het najaar van 2020 ervaart 37% van de mbo-studenten van het Grafisch Lyceum en Nimeto in Utrecht (nogal) veel druk door schoolwerk. Dit is veel hoger dan in het najaar van 2019 en vergelijkbaar met het voorjaar van 2020. Ook ervaren mbo-studenten in coronatijd vaker dat het schoolwerk moeilijk is en geven ze minder vaak aan dat de inhoud van de opleiding aansluit bij hun verwachtingen. Meisjes voelen zich vaker onder druk staan door schoolwerk dan jongens.

Infogram URL

 

Meer informatie over prestatiedruk is te vinden bij het thema mentale gezondheid.

Een derde van de jongvolwassenen heeft in coronatijd studievertraging 

In het voorjaar van 2021 geeft 35% van de Utrechtse jongvolwassenen (16-25 jaar) aan dat zij studievertraging hebben opgelopen (mede) door de coronacrisis. Mannen zeggen dit vaker dan vrouwen. Van alle jongvolwassenen is 4% gestopt met de studie (mede) door corona. Hbo-studenten hebben gemiddeld vaker studievertraging opgelopen en zijn vaker gestopt met hun studie.

6% van de mbo-studenten spijbelt vaak

In het najaar van 2019 geeft 6% van de studenten op Utrechtse mbo’s aan dat zij in de laatste vier weken zes of meer lesuren hebben gespijbeld. Dit gaat vaker om jongens en mbo-studenten van 18 jaar of ouder. Een op de vijf mbo-studenten spijbelde een of meer lesuren in de laatste vier weken. 7% van de mbo-studenten heeft zich in het najaar van 2019 in de laatste drie maanden vier keer of vaker ziekgemeld voor school. Dit zijn vaker meisjes, mbo-studenten met een migratieachtergrond en mbo-studenten uit een eenoudergezin.

Image
9% van de studenten mbo-niveau 1 tot 3 heeft 6 of meer lesuren gespijbeld en 12% heeft zich 4 keer of vaker ziekgemeld. Dit is beide 5% onder mbo-studente niveau 4.

Driekwart van de mbo-studenten verwacht dat zij hun opleiding afmaken

In het najaar van 2019 vindt 74% van de mbo-studenten het (heel) waarschijnlijk dat ze hun opleiding afmaken. 22% is neutraal hierover en 3% vindt het (heel) onwaarschijnlijk.
 

Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen en mbo-onderzoek

De Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen is voor het eerst in Utrecht uitgevoerd van maart tot en met juni 2021. Jongvolwassenen van 16 tot en met 25 jaar zijn via sociale media en hun eigen netwerk benaderd om de vragenlijst in te vullen. Ongeveer 1.900 Utrechtse jongvolwassenen deden mee. Het onderzoek is uitgevoerd in coronatijd, tijdens en kort na de tweede lockdown.

Het Mbo-onderzoek is uitgevoerd onder studenten van drie mbo-scholen in Utrecht: het Grafisch Lyceum, Nimeto en ROC Midden-Nederland. Ongeveer 1.200 mbo-studenten vulden in het najaar van 2019 de eerste vragenlijst in tijdens een (online) les. In het voorjaar van 2020 en het najaar van 2020 vulden 400 studenten van het Grafisch Lyceum en Nimeto nogmaals vragenlijsten in. De tweede meting van dit onderzoek is dus uitgevoerd tijdens de eerste lockdown en de derde meting tijdens de tweede lockdown.

Het onderwijs vond in de periodes van de Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen en het Mbo-onderzoek deels of zelfs volledig thuis plaats. Ook waren er tal van beperkingen voor het dagelijkse en sociale leven. Daarom kunnen de resultaten niet losgezien worden van de onderzoeksperiode.

Zie de pagina Coronavirus voor meer gezondheidsinformatie.